Loader

5 jaar MARKS woorden

Vorige maand was het vijf jaar geleden dat ik mijn baan opzegde en ‘voor mezelf begon’. Niet eerder heb ik zoveel geleerd.

Vijf jaar MARKS woorden is vijf jaar werken in het Nederlandse jeugddomein, en me dus ook vijf jaar bezighouden met de transitie van de jeugdhulp. Ik interviewde jongeren, ouders, jeugdzorgwerkers, bestuurders, beleidsambtenaren en wethouders. Ik onderzocht inspirerende voorbeelden van samenwerking en innovatie – van Amsterdam tot de Achterhoek, van Utrecht tot Tilburg, van Aalsmeer tot Enschede, van Tiel tot Dordrecht, van Gelderland-Zuid tot Groningen. Ik schreef artikelen, boekjes, blogs en online publicaties.

De betrokkenheid van professionals maakte indruk op me, net als de goed doordachte en inspirerende visies van sommige bestuurders. Er is veel gebeurd in het jeugddomein, en er is veel vooruitgang geboekt. Tegelijkertijd gaat het nog steeds over dezelfde vraagstukken. Hoe werken we meer en beter domeinoverstijgend, integraal, cross-sectoraal, ontschottend en out-of-the-box? Of, in goed Nederlands, hoe denken we niet teveel in hokjes?

Omgaan met complexiteit

Misschien zijn dit wel de grote vraagstukken van deze tijd, niet alleen in het jeugddomein. De wereld wordt steeds meer één, en we begrijpen steeds beter hoe het een met het ander samenhangt. We hebben meer zicht op hoe complex de wereld is, de samenleving en de mens. Goed omgaan met die complexiteit betekent niet het dichttimmeren van deelgebieden en los van elkaar alleen onze eigen eilandjes op orde brengen. Het betekent wel gezamenlijk aan het werk gaan, durven loslaten, van geval tot geval kijken wat het goede is om te doen.

Die complexiteit en de daarmee samenhangende noodzaak om domeinoverstijgend te werken, zie ik steeds terug in mijn werk. Voor het Veiligheidshuis Haaglanden, waar het gaat om de samenwerking tussen justitie, zorg en lokaal bestuur bij complexe problematiek. Voor het Nederlands Jeugdinstituut, als het gaat om de hulverlening aan gezinnen met complexe problematiek op meerdere leefgebieden. Of bij het beschrijven van goede voorbeelden van samenwerking tussen bijvoorbeeld de jeugdhulp en het onderwijs. En voor Platform JEP, als ik op zoek ga naar werkzame en overdraagbare factoren in de preventie van polarisatie, radicalisering en extremisme.

Jongeren daar en hier

Tegelijkertijd is het goed om af en toe uit te zoomen en om deze vraagstukken in (een ander) perspectief te plaatsen. Ik houd me ook bezig met jongeren en het jeugddomein in het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Dat lijkt een andere wereld, maar de verbondenheid is er zeker. Veel Syrische jongeren, gevlucht voor de oorlog, wonen nu in Nederland en proberen hier hun toekomst op te bouwen. We kennen tegelijkertijd de verhalen van Nederlandse jongeren, hier opgegroeid en geworteld, die zich aangetrokken voelen tot de verschrikkelijke gebeurtenissen in Syrië en Irak. En meer op macroniveau: de toekomst van Nederlandse jongeren en die van jongeren in het Midden-Oosten en Noord-Afrika zijn hoe dan ook met elkaar verbonden. Alleen al doordat we buren zijn, al eeuwenlang, en doordat onze werelden historisch, politiek, cultureel en economisch met elkaar verweven zijn.

Optimisme

Vijf jaar werken op het thema van jongeren in het Midden-Oosten betekent dat er veel hoop is, veel potentieel, maar dat het ook moeilijk is om optimistisch te blijven. Het is een regio waar de situatie van veel jongeren in de afgelopen jaren niet verbeterd is. Of het nu gaat over onderwijs, werk, zeggenschap of het opbouwen van je eigen leven. In Europa steunden we de jonge generaties bij de protesten in 2010 en 2011. We juichten hen toe. En nu weer, in Algerije en Soedan. Maar ondertussen blijven we vanuit Europa – zie hier weer die verbondenheid – wapens leveren aan Saudi-Arabië waarmee de levens van miljoenen jonge Jemenieten worden verwoest. We blijven Sisi steunen onder het mom van stabiliteit, en laten Israël z’n gang gaan in de Palestijnse gebieden.

Ook hier begrijpen we steeds beter hoe het een met het ander te maken heeft. Dat een ontwikkelingsprogramma dat democratisering en vrijheden moet stimuleren erg schril afsteekt als we tegelijkertijd diezelfde autoritaire leiders die democratie en vrijheden de kop indrukken, te vriend houden om migratie te stoppen.

Natuurlijk, ik zag in Marokko de positieve ontwikkelingen in het lokale jeugdbeleid. Ik zag in Noord-Irak het enorme potentieel – duizenden slimme jonge mensen studeren daar elk jaar af aan een van de vele universiteiten. Ik luisterde hoe jongeren uit de regio vertellen wat er goed gaat en wat er wel verbeterd is. Ik sprak met onderzoekers die terecht optimistisch willen blijven over de toekomst van het Midden-Oosten en Noord-Afrika.

Uitproberen en experimenteren

Ik zie hoe kleine organisaties op lokaal niveau de goede dingen proberen te doen. Het zijn eerste initiatieven, het is uitproberen en experimenteren, en de dingen anders proberen te doen om de levens en perspectieven van jongeren te verbeteren. In Nederland zorgt dit ervoor dat we met vallen en opstaan het jeugddomein langzaam verbeteren. Maar in het Midden-Oosten dreigen die initiatieven te worden verpulverd onder de grote (geo)politieke ontwikkelingen, de realiteit van oorlog en conflict, de groeiende repressie en de almaar kleiner wordende ruimte voor pioniers.

Wat weten we nog niet?

Vijf jaar MARKS woorden betekent ook me steeds beter realiseren dat het niet gaat om hoeveel kennis je hebt en tentoonspreidt – hoeveel behoefte hebben we immers aan weer een nieuwe Midden-Oostendeskundige? Veel meer gaat het om het weten wat we met z’n allen nog niet weten, maar wel zouden moeten weten. Daar moeten we naar op zoek.

In de afgelopen vijf jaar ben ik erachter gekomen dat ik mijn inhoudelijke kennis vooral daarvoor wil inzetten. Om te snappen wat we collectief nog niet weten en om daarnaar op zoek te gaan. Of het nu gaat over de transformatie van het jeugdstelsel in Nederland of het verbeteren van de levens en perspectieven van jongeren in het Midden-Oosten en Noord-Afrika.

Door de juiste vragen te stellen in interviews. Door kennis vanuit verschillende bronnen te verzamelen, analyseren, duiden en daar lessen uit te trekken. Door deskundigheid en opinies te bundelen en betekenis te geven in een tijdschrijft of online publicatie. Door consequent andere zienswijzen en perspectieven te zoeken en in te brengen. Door altijd nieuwsgierig te blijven.

Pionieren

Vijf jaar MARKS woorden betekent ook vijf jaar leren hoe het werkt als zelfstandige. Pionieren, nieuwe dingen doen, leren en mezelf blijven ontwikkelen. Leren dat ik niet alles zelf hoef te doen – andere mensen zijn immers veel beter in belasting aangeven en een website onderhouden. Vijf jaar wennen aan de vraag ‘Hoe is het met je bedrijf?’ – alsof MARKS woorden een entiteit is die losstaat van mijzelf. En bovenal vijf jaar plezier hebben en voldoening halen – uit de tientallen mooie gesprekken en interviews die ik heb gehad en uit de interessante plekken waar ik ben gekomen. En uit de steeds weer nieuwe opdrachten, andere uitdagingen en vaak geslaagde pogingen om iets te doen wat ik eerder nog niet heb gedaan.